
Wat is....
Mok is een verzamelnaam voor alle vormen
huidproblemen die het meeste voorkomen in de kootholten. Het meest bekende symptoom is de kloof.Mok
kan zich ook over het gehele onderbeen uitbreiden, deze vorm van mok word ook
wel rasp genoemd. Paarden kunnen er vreselijk veel
last van hebben en paarden kunnen hiervan ernstige kreupel zijn. Het paard zal zelfs enige tijd met rust moeten
worden gelaten.
Oorzaak en
behandeling....

Mok kan verschillende oorzaken hebben. Vocht en vooral urine kunnen de grote
boosdoeners zijn. Daarom moeten de stallen grondig worden uitgemest.
Als het paard overgevoelig is voor bepaalde stoffen, bijvoorbeeld klaver of luzerne, kan mok optreden.
Ook als een paard een wondje in de kootholte heeft, kan mok ontstaan.
Huidparasieten kunnen eveneens mok veroorzaken.
Bodembedekkers op stal kunnen ook oorzaken worden van mok, zonder dat we ons
daarvan bewust zijn. Een
zeer bekende bodembedekker is zaagsel. Het is schoon en neemt veel vocht op, maar zaagsel wordt vochtig en de urine
en de urinedamp kunnen de kootholte
irriteren.
Een strobed is daarentegen beter omdat strohalmen door hun capillaire werking de urine
kunnen opslaan. De ideale stal is nog steeds een potstal. Dit soort stallen
blijft altijd droog. Door er steeds maar stro bij te gooien,
zal het onderbed door de warmte uitdrogen. Deze stallen komen niet meer
in maneges voor omdat de bouw van de maneges hierop niet is afgestemd.
Tegenwoordig staan te veel paarden in te kleine ruimtes. De weiden zijn vaak
vervuild, wat mok tot gevolg kan hebben.
links:
mok in de kootholte kan een vervelende zaak zijn voor het paard en kan
kreupelheid tot gevolg hebben.

Treedt ondanks goede voorzorgsmaatregelen toch mok op, dan wordt vaak een langdurend
genezingsproces in gang gezet.
We kennen veel verschillende beelden:
1. eenvoudige vorm: roodheid in de kootholten, verdikking van de huid en jeuk;
2. schilferig eczeem, waarbij de huidafstoting versneld en abnormaal
plaatsvindt;
3. vochtig eczeem, waarbij de kootholte vochtig wordt en de haren rechtop gaan
staan;
4. in een meer ernstige vorm ontstaan vaak knobbeltjes die spoedig blaasjes
worden. Zij gaan gemakkelijk stuk en er komt vocht uit.
5.
Een zeer ernstige mok waarbij het gebied van het pijpbeen ook is aangetast, ook
wel rasp genoemd.
<<<<Een
zeer ernstige mok die de zijde van het pijpbeen heeft aangetast.
Vervolgens treedt
korstvorming op waardoor kloven kunnen ontstaan die vervolgens de omgeving
irriteren.
Deze vormen van mok zijn
meestal het gevolg van een verwaarlozing waarbij aan stalreiniging en verzorging
in het algemeen geen aandacht wordt geschonken.
Huidontstekingen in het gebied van de ondervoet, de kogel en de pijp geven vaak
aanleiding tot stuwing (stalbenen). Deze stuwing kan zelfs blijven bestaan nadat de huidontsteking
is genezen. Bandageren is dan niet aan te raden.

<<<Kloofjes kunnen het paard veel hinder en pijn bezorgen bij het bewegen.
Bij het optreden van deze mok luidt het devies van de dierenarts: droog houden,
desinfecteren en de kloven laten genezen. Dat laatste is gemakkelijker gezegd dan
gedaan. De mok zit in een zeer beweeglijk gedeelte. Daardoor zullen de kloofjes
niet gemakkelijk genezen.
Er zijn veel therapieën, maar de verschillende vormen van mok zijn niet met elkaar te
vergelijken. We kunnen daarom met verschillende middelen proberen de mok
te bestrijden.
Mok moet iedere dag goed worden schoon- en drooggemaakt en kan worden behandeld met baby zinkzalf.
Deze zalf maakt de kloofjes week en heeft een pijnstillende werking. (Als een
ernstige korstvorming aanwezig is, kunnen de korsten een dag in een vette zalf of
vaseline worden gezet. Hierdoor wordt de korst week en zal deze gemakkelijker
verwijderd kunnen worden, zonder dat het paard er veel last van heeft.)
Men moet zich er
wel bewust van zijn dat zelfs een lichte vorm van mok niet verwaarloosd mag
worden. Geneest de mok niet snel genoeg, wacht dan niet te lang met het
raadplegen van een veearts, want mok kan snel aanleiding geven tot een hevige infectie en
zelfs tot bloedvergiftiging.( Einschuss).
Er is nog steeds geen standaard behandeling voor dit probleem. Wat het beste helpt,
verschilt van paard tot
paard.